Dorpje Laos

Wereldreis 2007-2008, Singapore, Maleisië, Thailand en Laos

Lees hier ook het voorgaande reisverslag Dubai, Oman en Bahrein en Nepal & India en Indonesië.

Singapore… Het klinkt als een stad, heel ver weg, als een eilandje ingesloten tussen de tweede en derde wereld landen in Zuid Oost Azie. En eigenlijk is het ook zo. Het is alleen geen westers eiland, het is een stad met een heleboel niet westerse eigenaardigheden.

Ten eerste pakten we nog in Indonesië de taxi en daar kwamen we in een karaoke taxi. We hoorden muziek en we begonnen wat mee te dansen en dat vond de chauffeur zo leuk dat hij spontaan een schermpje uit zijn dak liet zakken en we konden meezingen. Een filmpje staat op Youtube karaoketaxi.

We kwamen aan op het vliegveld van Singapore en pakten de metro naar de binnenstad. De losse karretjes zoals in London of Rome bestaan hier niet. Je kunt hier de hele trein doorkijken. Er hangen ook advertenties zoals: “Wash your hands thoroughly and often with water and soap!”. Daarachter dan een booskijkend zeepje en een stel doodsbange bacterien. Op het thema “Schoonste Stad Ter Wereld” kom ik zo terug. Blauw pijltje. Singapore is ook een hele hoge stad. Overal zie je wolkenkrabbers met het hoogste hotel ter wereld (Swissotel) en een heel mooi Business District (foto).

Singapore is dus de schoonste stad ter wereld. Zo is er een boete van 2500 Euro voor eten in de metro… Toen wij tegenover ons hotel tijdens een van de moessonbuien het winkelcentrum inliepen, zagen we rechts deze zakhouder, waar wij onze paraplu in konden stoppen. Zo zouden er geen druppels komen op het marmer. Slim, van die jongens.

Het is een geordende stad. Zo is dit de bus terminal. Je verblijft in een ruimte met een airco, je moet wachten bij je “busrijtje” en als de bus dan komt, gaat de deur open en kan je zo de airco bus in. Dit systeem is er ook voor taxi’s. Je staat gewoon in de rij tussen de hekjes voor de taxi’s.

Je hoeft niet de bus te nemen, je kunt ook de Singapore Ducktours nemen. Je gaat dan over land en over water! Wat een lol. Er zit ook een blerende vrouw in, die je vertelt waar je bent en wat je ziet. Wij konden haar vanaf het punt van de foto makkelijk verstaan en dit is een zoomlens.

Dit is Chinatown. Je kunt er allerlei mooie dingen kopen, zoals deze chopsticks in de chopsticksshop. Ze hadden er alleen maar chopsticks. Deze zijn van ebony-hout en zilver (200 Euro), maar wij hebben een set van ebony-hout en parelmoer gekocht (35 Euro).

Je kunt je geld hier sowieso makkelijk kwijt. Dit is de Louis Vuitton shop met een rij wachtenden. Dit is een Maserati op een sleepwagen. Beetje jammer…. Het toppunt is deze ring van 145.000 Euro. Met een prijskaartje!!? De shopping malls zijn echt heel mooi en versterken het heimwee gevoel: het is hier overal kerstmis. Grote kerstmarkten zijn hier vooral zilver en diamantieus i.p.v. de Gluhwein en Bratwurst in Oberhausen of Keulen. Blauw pijltje voor nog een voorbeeld. Voor nog een kerstboom voor een bedrijvencomplex (wellicht werk ik er nog eens?).

Vervolgens naar de Singapore Zoo. Naast deze standaard groene slang hebben ze ook hele lelijke schildpadden, jaguars die van water houden en witte tijgers (stoer!!).

De Komodo varaan was een tegenvaller. Hij is eigenlijk helemaal niet zo groot.De ijsberen voerden een showtje op, filmpje volgt nog op Youtube, en ook hier Japanners die een hele grote camera hadden. Ze kregen overigens dezelfde foto als wij.

In Singapore heb je overigens andere kledingstijlen dan in Westerse landen. Toen ik twee jaar was, droeg ik meer kleding dan de volwassenen hier. Singapore ligt ingeklemd tussen Indonesie en Maleisie, het grootste moslimland ter wereld en het twintigste moslimland ter wereld. Toch hebben ze deze bizarre broekjes aan.

Maleisië

Toen gingen we naar Maleisië  We hadden verwacht dat het wel normaler zou zijn, maar nee. Deze molen staat op Dutch Square in Melaka en is in 1980 toegevoegd om de Nederlandse heerschappij in Zuid-Maleisie te vieren. Japanners vinden dit helemaal geweldig.

Dit is dus een Japanner. Mja… Kennen jullie die wegwijzers op belangrijke plaatsen? Dan staat er dat je nog 6783km van Moskou bent. Alsof wij dat belangrijk vinden. Hier staat Hoorn tussen Londen, Lissabon en nog wat grote plaatsen. Het is op Dutch Square überhaupt een beetje toeristisch. Dit zijn volledig versierde trishaws. Elke trishaw heeft een geluidsinstallatie en ze spelen hele domme liedjes (te bekijken op Youtube, crazy trishaws). Geluid is belangrijk.

In het belangrijkste museum van Melaka is een heel stomme vleugel ingericht voor de prullaria van een of andere lokale Piet Jansen, die zijn souvenirs wel wilden geven. Eerst een heel verhaal over hemzelf, wat hij heeft gedaan etc. en dan zijn museumstukken. Een van de 15 stukken is dit piepschuimen model van de Taj Mahal (wat zielig zeg…). Ook in Maleisie ook weer mooie shopping malls. Deze kerstboom staat onder de Petronas Towers. Ook hier weer dezelfde ‘kleding’. Blauw pijltje. Vlak voor Kerstmis is het ook hier dikke uitverkoop. Lekker gezwommen voor de Petronas Towers (met Xsens shirt en FC Twente petje).

Toen naar het vlinderpark geweest waar we deze vlinder als vriendje hadden. Een aantal mooie vlinderfoto’s en dan kom je bij de grootste wandelende takken die ik ooit heb gezien (en nooit levend tegen wil komen in mijn tent tijdens een jungle trek). Dit is Tikva’s hand… Ze hadden er ook nog een “Man-faced beetle”. Zo heet-ie echt. Terug naar het hotel kwamen we in de metro en hier kan je door de voorruit kijken. Er zat ook geen bestuurder in en ik heb geen flauw idee hoe het werkt.

Dit was het einde van het beeldverhaal. Dit doen we een keer (want het is veel te veel werk :-)), maar we spreken jullie weer in Thailand/Laos. Nu gaan we onze Kerst vieren op Pulau Langkawi.

Gelukkig 2008 jaarwisseling in Bangkok

Het eiland Penang met de stad Georgetown zouden volgens de Rough Guide echt must see zijn in Maleisië. Niet voor de eerste keer zijn we het absoluut niet met ons guide book eens. Het is een drukke viezige stad waar de “attracties” niet bijzonder goed onderhouden zijn. Penang lijkt wel een Chinese enclave (35% van de bevolking in Maleisië is chinees) en dat zijn niet echt mijn favoriete mensen. Niet klantvriendelijk, ze geven je het gevoel dat je blij mag zijn dat ze een hotel/taxi/… vrij hebben, ze proberen ook telkens net nog wat extra geld overal uit te persen, een lach kan er niet van af en ze kunnen duidelijk wel wat kleding/make-up/verzorgingsadvies gebruiken.

We waren dan ook extra blij toen we naar ons kers thotel vertrokken. Drie dagen lang genoten van lekkere bedjes, een badkamer met heet water, een bad en zelfs shampoo,lotion,wc papier, WOW!

Het zwembad van ons hotel hadden wel elke dag tot een uur of 15:00 praktisch voor onszelf. Daarna kwam de invasie van Aziaten. Zwemmen doen ze of in hun kleren of(vrouwen) in een speciaal badpak (denk aan een schaatspak compleet met lange mouwen en benen) liefst met badmuts. Voor mannen is een speedo (bah!!) toegestaan. Eerste levensbehoeftes aan het zwembad zijn: de super soaker (grote voor papa en mama en een kleine voor de kinderen), een duikbrilletje en de onderwatercamera.

Eerste kerstdag hebben we een auto gehuurd, naar het strand gereden en hier genoten van een heerlijk diner en een geweldige zonsondergang gehad. De volgende dag zijn we het hele eiland rondgereden met als hoogtepunt (letterlijk en figuurlijk) een tripje met de kabelbaan van bijna zeelevel naar 725 meter. Doodeng, maar wat een geweldig uitzicht!

Soms is transport zo simpel als bus in-bus uit en soms is het zo ingewikkeld als zeg Langkawi-Krabi. We beginnen met de taxi naar de ferry terminal, de ferry naar Kuala Perlis, de bus naar Kangar, lopen/zoeken naar het andere busstation in Kangar eindelijk gevonden, gaat er pas 2 uur later weer een bus naar de grens, dus een taxi naar de Maleisische grenspost, dan met de grote rugzakken achterop een scooter naar de Thaise immigratie. Dan ben je in Thailand, geen pinautomaat en waar is het busstation?? Geen idee, maar een Thai neemt ons mee (voor 100B) in zijn auto naar Hat Yai, daar nog weer 1,5 uur wachten op de bus om vervolgens om 20:30 aan te komen in Krabi. Hier bevestigt de kamer (matras op de grond met muskietennet en ventilator) dat de relax dagen over zijn.

In Krabi hebben we een dagtripje gemaakt naar wat volgens de Lonely Planet het mooiste strand van Thailand moet zijn. Dat belooft wat en het strand is inderdaad heel erg mooi. Het is echter wel een van die plekken die binnen niet al te langer tijd waarschijnlijk totaal verpest is door te veel toerisme.

Met de nachtbus naar Bangkok gegaan. Onze eerste plek sinds Londen waar we al eens eerder zijn geweest. Het voelt bekend, opeens weet je de weg weer. Een bezoekje aan het Grand Palace was ook deze keer een must. Maar wat doen je dan verder in een stad waar je alle must-sees al gezien hebt? Toevallig lazen we in de Bangkok Post dat er ter ere van de 80-jarige verjaardag van koning Bhumibol een speciale 3 weken durende tentoonstelling was. Hier werden echt ongelooflijk mooie speciale stukken tentoongesteld uit de privé collectie van de koningin. Helaas mochten we er geen foto’s maken maar je moet denken aan: tronen, modellen van de koninklijke sloepen, gemaakt van heel fijn goudwerk en prachtig uitgesneden houtwerk. Er was ook een kroonluchter bewerkte met duizenden kevervleugels (die allemaal een natuurlijke dood gestorven moeten zijn, anders blijft de glans niet bewaard). Ook hebben we de gedekte tafel gezien, waar Willem en Maxima gedineerd hebben hebben, het was ook in deze zaal, impressive!

Nieuwjaar hebben we gevierd in Bangkok. Khao San (backpackersgetto hoofdstraat) was nog eens extra druk (de straat is 500 meter lang en stond helemaal vol), ook veel Thai kwamen hier voor het nieuwjaarsfeest. De hele avond hing er al een sfeer van verwachting. Het moment zelf was een beetje een anticlimax (we konden geen klok zien), het vuurwerk was ook echt minimaal. (Dit is ook maar 1 van de 4 nieuw jaren die de Thai vieren, hun echte nieuwjaar is in April.)Uiteindelijk werd het nog wel een gave party met dansende mensen overal op straat.

Morgen vertrekken we naar Laos een land waar we alleen maar hele positieve verhalen over horen; we zijn benieuwd.

Enkeltje Laos

Stel je een stripboek uit de Lucky Luke serie. Op een paard rijdt Lucky Luke de ondergaande zon tegemoet in een omgeving die erg doet denken aan de landschappen die te zien waren op documentaires vorig jaar na de schietpartij in een Amish school. Op een klein paadje langs de Mekong komt een tractor voorbij met drie manden met een aantal kippen, ganzen en kuikens. Ergens anders kruist een koe de grootste snelweg van het land waar slechts enkele auto’s per minuut voorbij komen (een beetje zoals de weg Emmen-Coevorden). Er lopen wat toeristen, maar voornamelijk lopen er boerderijdieren.

Welkom in Zuid-Laos. Het is een land dat heel erg onwerkelijk aandoet. Er zijn weinig steden in de Mekong vallei, het zijn voornamelijk dorpen van tussen de 50 en 15000 inwoners. We begonnen de reis in Pakxe (N15 07.223 E105 47.964) en gingen vervolgens direct door naar Champasak, een dorpje met een grote Khmer tempel op een heuvel in de buurt (N14 50.903 E105 48.967). We dronken een Beerlao, dat 99% van de Laose biermarkt bezet en aten in/onder een typisch Lao huis (een huis op palen met een ‘zithoek’ onder het huis tussen de palen) een foe, rijst/noedel soep. Op onze lieve fietsjes uit China met 24″ wieltjes fietsen we volgens onze geliefde GPS toch zo’n 25 km.

De dagen erna hebben we gerelaxed bij het breedste punt van de Mekong: 14 km! Er liggen 4000 eilanden in, en op eentje daarvan hebben wij geslapen (N13 58.884 E105 55.502). Er was geen straatnaam; dat hoeft ook niet, want er zijn geen postbodes in Laos, alleen maar postbussen. De lokale bevolking had het wel een naam gegeven en het vertaalde als “Sunrise Boulevard”. Op de foto’s kun je echter zien dat het woord boulevard lichtelijk overdreven is. Aan de andere kant ligt “The Strip”, oftewel “Sunset Strip”, waar het verkeer al net zo druk is. Op het eiland hebben we weer fietsen gehuurd en het was weer net zo schattig. Er zit geen slot op de fietsen hier, dus we hadden ze maar naast onze bungalow neergezet toen wij ‘s ochtends tegen zessen iemand hoorden met een fietspomp. Ik naar buiten, is de fietsenverhuurder met een fietspompje al zijn fietsen bij de verschillende bungalows aan het afrijden om de banden te controleren… Wauw. Na het ontbijt bij de bakker was mijn fiets gejat! Het is een eiland zo groot als Rottumeroog, dus no worries, maar ik was wel verbaasd toen de serveerster van de bakker met verse kruiden aan kwam fietsen. Ze moest even naar de markt en er stond toch een fiets.

In de bussen (pick-up trucks of vrachtwagens met bankjes) is het al net zo schattig. De vrouwen geven regelmatig de borst: drie in een bus, waar moet ik dan kijken!? Nou rijden we ook wel eens wat anders. Zo hebben we gereden in de achterbak van een tractor en hebben we een lift gekregen van een man in zijn vrachtwagen.

Laos is bijzonder arm en onderontwikkeld. Er zijn geen ATM’s volgens onze gids, maar we zijn er inmiddels al enkele tegengekomen. We hebben dus 2000 Euro bij ons, maar een hotel kost hier tussen de 0.60 en 8 Euro en zo komen we er natuurlijk niet vanaf. Elektriciteit in Zuid-Laos is af en toe schaars. Zo hadden we bij het maken van onze bananen-milkshake even flikkerend licht omdat de blender alle stroom van de generator pakte. Internet hebben we slechts elke paar dagen en het openbaar vervoer schema is soms gewoon: 1x per dag om 7:00u vertrekken, om 15:00u aankomen in een plaats 250 km verderop.

In Tha Khaek hebben we een trekking geboekt voor twee dagen door een natuurgebied in het midden van Laos. We deden dit samen met Marjan en Hendri (geen stelletje, maar wel toevallig twee Nederlanders). De eerste dag liepen we 13 km naar een dorpje waar we vissoep met rode mieren als avondeten kregen. Vet cool! We sliepen er ook. Dag twee liepen we 16 km naar het Khoun Khon meer (N17 38.569 E104 48.814), een zeventig meter diep heilig meer waar doorzichtige vissen leven.

De volgende dag zijn we doorgegaan naar de Kong Lo grot. De Kong Lo grot moet de langste bevaarbare grot in de wereld zijn met 7.5 km, 100 meter hoog en 90 meter breed. Je kunt er vanaf de ene kant (N17 57.373 E104 45.552) in met een longtail boot en aan de andere kant er weer uit (N17 56.574 E104 48.162); het duurt een klein uurtje. Een longtail boot is een uitgeholde boomstam met daarop een dieselmotortje, een lange stang (longtail) en aan het einde een propellor. Aangezien het eigenlijk gewoon een boom is, is hij hopeloos instabiel en met de snelheden die die boten kunnen halen, is het dus ook doodeng om door het donker tussen rotsen door en over boomstammen heen te racen. Maar wat een trip… Het is immens imponerend om de grote zalen te zien die je doorkruist, de bochten die uitgesleten worden door het water in het regenseizoen en de stalactieten van vele tientallen meters lang.

Terug in het dorp sliepen we bij een ouder echtpaar thuis (N17 57.680 E104 44.759). In een eenvoudig huisje speelden we onze eigen “Groeten uit de Rimboe”. Ze spraken geen Engels en we hadden een man bij ons, die ongemanierd was en ook nog eens een balans+motoriek stoornis had, zodat hij zijn noedels vooral over zijn gezicht heen meerde in plaats van in zijn mond, die ergens tussen zijn baard moest zitten, stopte. De Lao vrouw had dit nog nooit gezien en lachte zich helemaal een ongeluk. Toen wij de volgende dag weggingen, gebaarde ze in blinde paniek dat wij onze mede-toerist wel mee moesten nemen :-).

Laos is een relaxte plek op deze aardbol. We hebben in een van de laatste communistische bolwerken zoveel vriendelijke en lieve mensen ontmoet dat wij ze af en toe schofferen doordat wij ze zo wantrouwen, net zoals in Thailand of India. We hebben Irradaway dolfijnen gezien, waarvan er nog maar 25 zijn in Laos en 100 in de Mekong; we hebben prachtige kalkstenen landschappen gezien en krachtige Mekong watervallen. Doe ons maar een enkeltje Laos!

Na een lange busrit verlaten we centraal Laos en komen we aan in het noorden in de hoofdstad Vientiane (N17 58.583 E102 38.191). Als hoofdstad stelt het weinig voor, maar we maken hier wel kennis met een van de positieve overblijfselen van de Franse kolonisatie, stokbroodjes “la vache qui rit”, croissantjes en Franse restaurants. Voor de in Laos schandalige prijs van 125.000 kip (8 Eur) hebben we een heerlijke Franse maaltijd gegeten met een goed glas wijn.

Vang Vieng (N18 55.242 E102 26.746) is berucht/beroemd in Laos. Je kunt er tuben (klik hier en dan op Tubing in Vang Vieng. Op een grote binnenband (tube) een kalm riviertje afdrijven door een prachtig berglandschap klinkt goed. De werkelijkheid is bars met knetterharde amerikaanse muziek waar je na 150 m!! tuben al kunt stoppen en dan de rest van de dag zuipen. Het je genoeg van deze bar dan tube je door naar de volgende. Wanneer je echt te dronken bent laat je je toch gewoon door een tuk-tuk terug naar je hotel brengen. Alleen het laatste stukje zonder bars konden we nog een beetje genieten. Vang Vieng is duidelijk “the place to be” voor het type reizigers dat samenklontert in bepaalde plaatsen om daar samen met andere toeristen dronken/stoned te worden, zonder veel respect of interesse voor het land dat ze bezoeken.

Zo vlug we konden gingen we dus door naar de volgende plaats: Luang Prabang (N19 53.386 E102 07.943). Luang Prabang is een UNESCO world heritage city maar wij vinden het niet zo bijzonder. Hier geen dronken jongeren maar een invasie van 60+-ers. Dat vinden wij niet erg, zij moeten ook reizen, maar de prijzen(2-5 keer zo duur als de rest van Laos) en het type hotel/restaurantjes zijn duidelijk gemaakt om deze groep aan te spreken.

Wij zijn erg teleurgesteld. Centraal/zuid Laos was geweldig maar we zijn nu in 5 dagen al in 3 plaatsen geweest die tegenvielen. We vinden het niet leuk en verlangen terug naar het oorspronkelijke Laos. Gebrek aan tijd geeft ons echter weinig opties om naar toe te reizen.

Daarom gaan we naar Nong Kiauw (5 uur met de bus) en dan nog een uurtje met de boot naar Muang Ngoi Neua (N20 42.502 E102 40.459). Ook hier zijn veel toeristen, ze komen er net als wij omdat het “dichtbij is”. Omdat het plaatsje alleen met de boot te bereiken is het toch nog niet verpest. We hebben een bungelow met 2 hangmatten voor 30.000 kip (2 Euro). Er zijn geen auto’s maar wel veel beesten op straat en om 4 uur maken de hanen je wakker. Partygangers hebben pech want elektriciteit is er alleen met een generator tot 22:00. 2 dagen lang lezen, lopen en zwemmen we wat. Nog een laatste dag brengen we door in Nong Kiaw. We huren fietsen en bezoeken een grot. In deze grot vluchtten de Lao tijdens de Amerikaanse bombardementen en naast de grot is een bomkrater te zien. Toch even een klein beetje geschiedenis: Tijdens de 2e Indochina war (bij ons bekend als de Vietnam oorlog) werd Laos hevig gebombardeerd door de USA, (nog steeds is het op de inwoner/bom ratio het meest gebombardeerde land allertijden). Dit allemaal terwijl de USA officieel helemaal niets in Laos deed. Resten van bommen kwamen we al tegen als boot en als barbecue (zie foto’s. Niet dat de Amerikanen geld geven om de clusterbommen op te ruimen. Dit wordt allemaal betaald door de EU en Aziatische landen.

We fietsen nog wat door wat kleine dorpjes waar we in een klein restaurantje een extreem hete noedel soep eten. Mensen zijn verbaasd als ze een “falang” (buitenlander) zien en we maken een klein jongetje aan het huilen. We genieten nog even van het “echte laos”.

Vervolgens gaan we helemaal door naar het noorden. We zijn nu nog maar 20 km van de Chinese grens en hebben bijna de hele route 13 afgelegd. In Luang Namtha (N21 00.153 E101 24.551) wordt druk gebouwd en deze plaats is duidelijk ook al een mainstream toeristen plek geworden. Hier gaan we een dagje kajakken en dat is eerst heel erg koud (15 graden) want pas om een uur of elf komt de zon hier door. De rivier gaat langs de rand van een natuurgebied en we komen dan ook door echte jungle, de stroomversnellingen (class1-3) zijn net sterk genoeg voor ons om wel gaaf te zijn maar niet te moeilijk. We lunchen in de jungle (N20 53.123 E101 27.748).

De volgende dag komen we de beste weg van heel Laos tegen. Gebouwd en betaald door de Chinezen. In 5-7 uur kunnen de Chinese vrachtwagens hun goederen nu door Laos naar Thailand brengen (250 km bergachtig terrein). Wij stoppen bij een klein plaatsje langs deze weg met een guesthouse met 3 kamers. De ouders zijn weg (boeren ofzo) en het guesthouse (N20 24.976 E100 51.259) en bijhorende restaurantje en winkel worden gerund door een groep kinderen. Eerst zijn ze een beetje verlegen maar na tikkertje komen ze helemaal los en met nog meer tikkertje, elastiekjes schieten en haarvlechten vermaken wij ons wel.

‘s Middags stopt er nog een Lao (Mr. Songkeo) die ook voor de “Gibbon experience”, werkt die ons uitnodigde voor ‘s avonds in zijn dorpje. Later op de middag stapte er nog een toerist (Joshua) uit een bus. Hij vertelde uitgenodigd te zijn voor een feest in datzelfde dorpje. Het dorpje lag 20 minuten lopen verderop aan een zandweg, we zochten Songkeo op en hij bracht ons naar het huis van het dorpshoofd. Hier werden we welkom geheten door het dorpshoofd zijn vrouw, en verscheidene andere mannen. We gingen zitten op de veranda. Rondom de veranda schaarde zich alle vrouwen en kinderen uit het dorp die duidelijk erg bang maar ook nieuwsgierig naar ons waren. We dronken samen (veel) Lao Lao (locale rijstwiskhy) en Beer Lao (die we meegenomen hadden) en deelden een maaltijd.

Songkeo was de enige die Engels sprak, verder spraken ze een beetje Lao maar vooral Lamet (hun lokale taal). Songkeo bleef constant vertalen hoe “special” het was dat wij hier waren en het werd ons duidelijk dat hier nauwelijks buitenlanders zijn geweest (sinds kort vrijwilligers van de Gibbon experience) en dat dit feest gehouden werd ter ere van het bezoek van een “falang” aan het dorpje (Joshua had songkeo een week eerder ontmoet afgesproken nu terug te komen). Voor Joshua was er een week lang gewerkt aan een cadeau maar wij kwamen onverwacht, het dorpshoofd gaf ons zijn eigen vijzel. Zelfgemaakt uit hout gesneden. Marcel kreeg er tranen van in zijn ogen, het is een van de weinige dingen die zo’n iemand heeft en hij geeft het gewoon aan ons. Ze verwachten niets terug maar je wilt toch wat geven. Marcels ketting uit Nepal en mijn oorbellen en armband zijn nu voor de dorpshoofd en zijn vrouw.

Later op de avond werd er besloten een Basi ceromonie te houden. Dit was onze de derde in Laos maar zeker de meest speciale. Tijdens de cermonie wordt er een klein toespraakje gehouden, ondertussen houd je dingen (meestal rijst en ei) vast die ze je geven. Daarna wordt en een katoenen draadje om je pols gebonden terwijl er een zegening uitgesproken word. Meestal door het familie/dorpshoofd maar nu door iedereen, het dorpshoofd, zijn vrouw, de oudste man van het dorp, de politieman etc. Acht keer kregen we te horen hoe blij ze waren en hoe speciaal het was dat wij hier waren en werden we gezegend met goede banen, veel kinderen etc. Nog later werd er besloten dat er een kip geslacht ging worden voor ons.

Deze mensen zijn zo vriendelijk, zo vrijgevig, zo bijzonder. Wij kunnen alleen maar hopen dat nu meer en meer toeristen in deze omgeving komen deze mensen zo blijven. 

De “Gibbon experience” hadden we al gereserveerd toen we Laos binnen kwamen. Het is een uniek project waarbij je een natuurgebied niet alleen verkent door er te wandelen maar waar er diverse ziplines/kabelbanen zijn waarmee je over de bomen heen vliegt. Het is prijzig (dank je wel opa’s en oma’s) maar het geld wordt ook gebruikt om de dorpen rondom het park alternatieve methoden te geven om te leven zodat ze niet meer stropen of het bos platbranden om er verbouwen.

De volgende dag stopte de 4WD om ons op te pikken en we maakten kennis met onze medereizigers voor de komende 2 dagen. Een gemixte groep: een Tsjechisch koppel, een samenreizende Engelse Pakistaan en Engelse Indier en een Amerikaans meisje. Met de 4WD ga je een stuk het Bokeo NP in. Vervolgens 2 uur lopen en toen bereikten we onze eerste zipline! Echt ontzettend gaaf. Zie filmpje (niet van ons). ‘s Nachts sliepen we in een boomhut (N20 29.104 E100 44.950) (klik hier en dan op Gibbon Experience Treehouse #6) op 40 meter hoogte (je drolletje hoor je 5-6 seconden later poef zeggen). Een boomhut is helemaal open en niemand sliep die nacht goed, zeker toen er een beest kwam zoeken naar eten.

Helaas begon het ‘s nachts erg te regenen en de hele volgende dag bleef het regenen. Dit betekende een moeilijke glibberige wandeling van 3 uur naar onze volgende boomhut (N20 27.100 E100 45.374). Hier kwamen we doorweekt en vermaakten we ons met kaarten en luisteren naar de geluiden van de wilde dieren. We hoopten nog even een gibbon gehoord te hebben maar het bleek een blaffend hert (barking deer) te zijn. Gibbons houden niet van regen dus die hebben we jammer genoeg niet gezien. De laatste dag was het gelukkig droog en konden we via een omweg nog even de laatste en mooiste zip lines boven een gigantische vallei gedaan, het totaal op 34 ritjes brengend.

Tot slot: Laos is een geweldig land. Je ziet er zuid-oost Azie zoals het in de rest van de landen bijna niet meer te vinden is, maar het verandert wel snel. Als je de mogelijkheid hebt: ga dan nu

Duiken en zonnen in Thailand

Nadat we Laos hebben verlaten verblijven we 4 dagen in Chiang Mai in het noorden van Thailand. We doen vooral veel nuttige dingen zoals de was, bijslapen, internetten etc. Op 1 februari hebben we ons 7 jarig jubileum. Om dat te vieren deden we allebei iets waar de ander wat aan heeft, ik een Thaise massage cursus en Marcel een cursus Thais koken. We brengen ook nog een bezoekje aan de dierentuin om 2 van de 23 panda’s te zien die buiten China wonen.

Air Asia is de Ryanair van Thailand, 2 vluchten later en Eur 55,- p.p. armer zijn we weer in het zuiden van Thailand. We gaan naar het eiland Ko Phangan. We vinden een klein rustig strand met een “resort”. Een week lang bestaan onze dagen uit: ontbijten, zonnen, beetje lezen, snorkelen, zonnen, lunchen, snorkelen  zonnen, eten, biertje drinken & kaarten, slapen.

Het koraalrif voor onze deur is prima snorkelen  Er zijn grote groepen vissen en met wat geluk en zoekwerk vinden we ook blue spotted stingrays en de porcupine vis.

Voor de afwisseling gaan we ook nog 2 dagen duiken. We halen onze advanced open water (dit is het 2e diploma na de open water) en maken o.a. een duik naar 30m en een nachtduik.

Onze advanced open water komt meteen goed van pas want we steken Thailand over om bij de kust van de Indische Oceaan uit te komen. Hier gaan we duiken in de Similan Islands, bekend als een van de beste duikspots ter wereld. De eilanden liggen 60 km uit de kust en de meeste duikers komen er via een live-aboard (boot waar je 4 dagen/4 nachten op verblijft (ook slaapt) en 14 duiken maakt), dit is ons alleen iets te hardcore. We doen een speedboot tocht en slapen op het hoofdeiland (het enige eiland met accommodatie); het geweldig mooie witte poedersuiker strand is een aangename verrasing. De duiken (4 dag- + 1 nachtduik) zijn ook geweldig, de hoeveelheid en de grote van de vissen is echt bijzonder. Ook zijn er allemaal “rare” vissen zoals de lionfishghost pipefishfrogfish en trumpetfish. Op onze laatste duik zien we ook nog een schildpad!

We nemen een nachtbus en komen in de stromende regen aan voor ons laatste nachtje in Bangkok. Bikini’s en korte broeken kunnen in de tas. De bergschoenen, sokken en lange broek komen ergens onderuit de tas. Nog 48 uur en we staan in Kyoto met max 3C en 60% kans op sneeuw brrrrrrrrrr..

5 reacties op “Wereldreis 2007-2008, Singapore, Maleisië, Thailand en Laos”

  1. Hoi Marcel en Tikva!

    Een hele fijne jaarwisseling! En pas op met vuurwerk.. dat voldoet daar vast niet aan de Nederlandse veiligheidsnormen 🙂

    Groetjes van Annemieke en Pieter

  2. moeder Jacqueline

    Het ziet er weer goed uit!
    Wat een prachtige tijger.
    Maar wat is een shoppingstickVerder wens ik jullie heel fijne feestdagen, en een goede jaarwisseling, met alle goeds en gezondheid voor 2008.

  3. He Marcel en Tikva!!
    Ik zit thuis niet zo vaak achter de computer en ik biecht op dat ik daardoor nog niet heel veel van jullie verhalen had gezien, maar ik heb nu zeker even de tijd genomen, en ik ben ENORM jaloers, ziet er fantastisch uit, en leuk om al die verhalen te lezen!

    en kan ik nog op de mailinglist van de updates van deze site? daar heb ik je ooit wel eens een mailtje over gestuurd, maar die is er ws. tussendoor geslipt.

    En dan wil ik jullie natuurlijk nog even een heeele fijne kerst wensen en nog veel meer mooie ervaringen in het nieuwe jaar!

    Veel liefs, Marijke

  4. He Marcel en Tikva!

    Fijne kerst en een tropisch oud&nieuw gewenst! Elke keer weer een verrassing, die reisverhalen. Misschien kunnen we voor de hakkendag naar jullie komen?!

    Groetjes, Marlies

  5. Leuk, zo’n beeldverhaal! Ik heb er erg van genoten. Veel plezier in dat chique hotelletje van jullie!
    dikke kus!

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Scroll naar top